Home Digitale Studiezaal Zeven hoofdwoorden Jisrael

Zoeken

Jisrael Send Print
7.  l a r f y JISRA’EL`: Israël
Inleiding
Er is geen naam die zo vaak voorkomt in de Bijbel als l a r f y Israël : 2512 keer. De eerste keer in Gen.32 waar Jaäkov na een langdurige, nachtelijke strijd met een goddelijk wezen de naam Jisraël krijgt: ‘Uw naam zal niet langer Jaäkov zijn, maar Jisraël, want gij hebt vorstelijk gestreden met God en mensen’ (Gen.32:28).
De betekenis van deze naam is veelzijdig: de letters op zich zijn al veelzeggend1, maar er zijn in deze vijf letters  l a r f y ook duidelijk een paar zinvolle woorden te herkennen. Allereerst de woorden: r f sar2 (vorst, opperbevelhebber, strijder) en  l ael (godheid). Daarom kan men terecht de naam Israël vertalen als ‘Strijder Gods’. Israël is Gods medestrijder, Zijn partner bij de bevrijding van de volkeren uit de uit de slaafse dienst aan de afgoden tot de vrijheid van de eredienst, de lofprijzing van de Ene, de Unieke. Anders gezegd: Israël is Gods medesrtrijder met het oog op de heiliging van Gods Naam wereldwijd zodat er vrede en welvaart komt voor alle volken (Ps.67 ).
1 Van de vijf letters l a r f y verwijst d y Jod naar de zegenende Hand Gods, die over Israël is uit gestrekt, maar ook naar de zegen die Israël doorgeeft aan de volken. De f v Sin/Shin doelt op de noodzaak om het verleden niet te verdringen, maar te verwerken = schuld te erkennen en vergeving te aanvaarden en schade te herstellen. De Sin/Shin verwijst ook Israëls oorsprong, moeder y r f Saraj en naar de einddoel: de  ~ A l v shalom voor alle volken. De r Resh (hoofd, leider) verwijst naar het leidersschap van Israël: een koninklijk, leidinggevend volk van priesters (= van zegenaars en onderwijzers). De a Aleph (eersteling, koploper) duidt op Israëls voortekkers rol, en de l Lamed (prikstok) op Israël als ‘prikkelaar’, als stimulans voor de volken om uit te trekken uit een het slavenhuis van een afgodische cultuur en op weg naar het land van belofte, dat zo wijd is als de wereld. en naar de einddoel: de 
2 Het woord r f sar betekent meestal vorst of opperbevelhebber (ook de leiders van de 12 stammen worden er mee aangeduid: de sar van Juda. Maar het heeft ook een hemelse dimensie: luchtvorst, geestelijk leider, volksgeest. In Daniël 10 is sprake van de sar van Perzië en van Griekenland, twee geestelijke strijdgeesten die Israëls Messias bestrijden en zich fel keren tegen de doorbraak van Zijn koningschap vanuit Tsion (Dan.10:20). Men mag aannemen dat het woord tsaar en wellicht ook caesar samenhangen met sar.
 
In Gen.32:28 ( ‘Gij hebt gestreden met God en mensen’) staat het woord ‘elohím, dat een algemene betekenis heeft: een Grootheid die ons als mensen ver overstijgt. Het kan zowel duiden God de Ene, de Unieke als op andere Geestelijke Grootheden, scheppingsengelen of volksgeesten (Ps.82:1, Ps.138:1). Soms zijn het tegenstanders zoals de volksengel (sar) van Perzië en Griekenland(Dan.10:20), maar deze ‘elohim kunnen ook in dienst staan van Israëls God, de Ene, de Allerhoogste, die Abram weg riep uit Ur. Veel uitleggers denken dat Jaäcov in deze bijzondere nacht geworsteld heeft met de ‘elohím van Esav, met de volksgeest (sar) van het Ezauvolk die hier Abrahams God vertegenwoordigt. Vandaar: ‘gij hebt gestreden met God én mensen’.
 
Maar er zitten nog twee woorden verscholen in de naam  l a r f y. De eerste drie letters Jod, Sin en Resh zijn te zien als de 3e persoonsvorm van het werkwoord  r f yi jisor (van r r f : hij beheerst, heeft overwicht. Als we daarbij bedenken dat het woord  l a : ’el of ~ y h l a elohím zowel kan duiden op God (de Ene de Unieke) als op de volksgoden (zie vorige notitie), dan zit er in de naam Jisraël de volgende zin verborgen: Hij, Jisraël, heeft een geestelijk overwicht op de volksgoden! Daarom kan Israël de volken bevrijden van de gebondenheid aan deze tweede rangs Grootheden die - omdat zij zich ontrokken hebben aan het Gezag van Israëls God en eigen Baas (Ba’al) zijn geworden - hun onderdanen tiranniseren, hen onmondig houden, hen knechten onder het juk van tirannieke leiders, die dienst doen als hun vertegenwoordigers op aarde. Dit geestelijk overwicht maakt de volksgoden en hun volken jaloers en angstig. Hier ligt ook de wortel van het eeuwenoude antisemitisme, van het oeroude plan om het volk Israël van de kaart te vegen: ‘komt, laten wij hen als volk verdelgen, zodat aan de naam van Israël niet meer wordt gedacht’ (Ps.83:5)! Let wel: als volk verdelgen! Individuele Joden mogen, verspreid, verstrooid tussen de volken, nog wel voortbestaan (als ze zich onderwerpen aan de nationaal-heidense samenlevingsorde), maar als volk moet Israël van de kaart! Want dit aparte volk is een bedreiging voor het voorbestaan van alle volken, of niet van de volken, maar van hun relatie, hun slaafse relatie met de volksgoden: Israël is een bedreiging voor de volksreligie!
Er zit nog een schuilwoord in de naam  l a r f y. De eerste drie letters zijn ook te lezen als y r f Saraj (mijn vorstin). Saraj, later Sarah genoemd is Israëls oermoeder, de geliefde bruid van aartsvader Abraham. Met kan de naam l a r f y dus ook lezen als l a y r f SarajEl: vorstin van God. Israël is Zijn geliefde, Zijn bruid.
Maar is Israël niet voor alles Gods zoon, Zijn mannelijke partner, die optreedt namens Hem? God zegt immers uitdrukkelijk tegen Mozes in Ex.4 vers 22,23: ‘Israël is Mijn eerstgeboren zoon; daarom zeg Ik: laat Mijn zoon gaan’? En de profeet Hosea herhaalt dit bijna letterlijk in hoofdstuk 11vers 1: ‘uit Egypte heb ik Mijn zoon geroepen’(zie ook Ps.2:7). Het geheim van Israël is de twee-eenheid van Zoon én Geliefde. Een eenheid die het geheim is van heel de mensheid. Want God schiep de mens naar Zijn evenbeeld: mannelijk én vrouwelijk schiep Hij hen (Gen.1:27). Israël is de mannelijke strijder Gods die de volken oproept om de band met de volksgoden (de volksreligie) te breken en uit te trekken in het spoor van Israël, in de lofprijzing van de Ene, de Unieke, de Altijd Aanwezige, JHWH/Jehoshua`
Maar Israël is ook Gods geliefde die een innige relatie met Hem onderhoudt en daaraan gestalte geeft in voortdurende lofprijzing, dagelijks in de morgen- en avondgebeden, wekelijks op de Shabbat en in de loop van het jaar in de feesttijden van Pesach, Shawuoth en Sukoth. Israël is enerzijds Gods Geliefde, Zijn Bruidsvolk, met het gezicht naar Hem geleerd en met de rug naar de wereld, maar Israël is anderzijds Gods zoon, Zin medestrijder, Zijn gezant met het gezicht naar de volkerenwereld. 
De bruid en de zoon strijden tezamen. De bruid keert zich tot God met het wapen van de lofzang, waardoor ze Hem naar zich toehaalt: Hij troont op Israëls lofzang (Ps.22:4). De zoon keert zich tot de volken met het wapen van het Woord= met de oproep om zich te bekeren, zich af te keren van de afgoden en zich te keren tot de Ene: om Zijn bevrijdend handelen te aanvaarden, zich open te stellen voor Zijn Geest, Die de Torah, Gods Leefregels voor leven en samenleven, in hun hart en verstand wil schrijven. Deze oproep is niet vrijblijvend. Als de volken de bevrijding van Israëls God afwijzen en als gevolg daarvan ook Zijn volk, Zijn Gezalfde Gezant, afwijzen en zelfs radicaal met hen willen afrekenen, hen willen wegvagen, dan moeten de volken rekenen met een gericht van Israëls God, met een natuurgericht als bij Sodom en Gomorra of met een oorlogsgericht als bij de Kanaänitische steden onder bevel van Jozua/Jehoshua`.
Het is wel opmerkelijk dat de eerste stad in Kanaän, de onneembare vesting Jericho, niet gevallen is door het zwaard van Jozua, maar door de lofzang, niet door de zoon, maar door de bruid.
Maar voor Israëls roeping onder de volken zijn beiden, zoon en bruid onmisbaar, niet los te koppelen. Ze zijn onlosmakelijk één als mannelijk en vrouwelijk, als Woord en Geest.
Israël is een `am (volk), terwijl de volken rondom meestal gojim worden genoemd. Maar een enkele keer wordt toch ook Israël een goj genoemd, maar dan een goj qádosh (Ex.19:6). Wat is het verschil tussen beide woorden?
Bij goj ligt de nadruk meer op de natuurlijke afstamming en bloedsbanden, bij `am, dat samenhang met `im (met) en `ámad (staan) ligt het accent vooral op de onderlinge gemeenschap en het samen ergens voor staan. Israël is een `am een volk dat een sterke onderlinge verbondenheid beleeft vanwege de gemeenschappelijke roeping: ‘gij zijt een uitverkoren natie, een leidinggeven priesterlijk volk’ Israël is geen gewone goj, maar een apart gezette goj: qádosh = heilig= apart gezet = verbonden met de Heilige, dé Aparte, de Ene, de Unieke. Israël beleeft en onderhoudt deze verbondenheid met de Aparte voortdurend in de dagelijkse, wekelijkse en jaarlijkse vieringen. Israël is een samenloving (zie ook studietafeltekst Daleth), een ‘am Adonaj.
Israël is niet alleen een unieke samenleving, verbonden met de Unieke, maar het is ook een volk van enkelingen. Iedere Israëliet heeft in principe een unieke relatie met de Unieke en is geroepen om deze relatie met Hem te onderhouden. Daarom wordt het volk ook steeds aangeduid als benej Jisraël, als kinderen Israëls. Israël is een unieke gemeenschap, een `am, juist ook omdat het een volk is van enkelingen, van individuen. Israërl is niet bestemd om een kuddevolk te zijn dat zich domweg laat leiden door tirannieke leiders, maar een volk dat van jongs af aan zich moet trainen in het horen naar het Woord Gods, naar Zijn Torah: Hoor Israël!
Er is merkwaardige samenhang  l a r f y en  l a m f y tussen Jisraël en Jishmaël. Het verschil zit vooral in de letter Resh (hoofd, leider) en Mem, de letter die verbonden is met midbar (woestijn), met onderweg zijn. Wat houdt dat in? Het is merkwaardig dat er met naam van  w f [ Esav, Israëls tweelingbroer, die veel dichter bij hen staat veel minder letterverband is, alleen de f Sin. Heeft dit iets te betekenen? Misschien dat het volk van Ismaël verder gevorderd is, meer meer onderweg is, meer afstand genomen heeft van de heidense afgoden dan het Ezauvolk, dat in de Hebreeuwse traditie vereenzelvigd wordt met de Romeinen en met de Roomse godsdienst die nog veel banden heeft met de volksgoden en de volksreligie? De Calvinistische vaderen zeiden:’Liever Turks dan Paaps’. Is dat terecht? Iemand zei: ‘Islam en Christendom zijn principieel ongelijksoortig, maar principieel gelijksoortig in het hun afkeer van Israël’.
Bijzondere woordverbindingen zijn: Beth Jisraël (Huis Israëls), Shomér Jisraël (Bewaarder Israëls, Ps.121:4) en Abhír Jaáqov, Ro`eh Jisraël en Ebhen Jisraël : Machtige van Jaävov, Herder over Israël en Rots van Israël (Gen.49:24).
 
Laatste wijziging (maandag, 24 augustus 2009)

 
Home Digitale Studiezaal Zeven hoofdwoorden Jisrael