Home Digitale Studiezaal Zeven hoofdwoorden Elohím

Zoeken

Elohím Send Print
2. ~ y h l a ‘Elohím: God
In de Hebreeuwse Bijbel is ‘él of ‘elohim een grootheid die ons ver overstijgt in ruimte en tijd. Het woord  ~ y hi ol a/‘elohím is taalverwant met  h l" ae‘eláh: grote boom. Wij zijn nietige wezentjes vergeleken bij een volgroeide, oude beukenboom, die hoog boven ons uitrijst, die met zijn wortels diep beneden ons is en die al jaren, soms honderden jaren voor ons bestond en die er ook nog is als wij allang gestorven zijn. Zo is de God der Hebreeën een Grootheid Die ver boven ons uitreikt in ruimte en tijd.
De Bijbel kent diverse ‘elohim, er zijn vele en veelsoortige geestelijke grootheden die boven ons uitreiken. Er zijn ‘elohim die een rol vervullen in de schepping, scheppingsengelen die in dienst van de Schepper bepaalde levensgebieden onder hun beheer hebben én er zijn ‘elohim die de geschiedenis, vooral de volkerengeschiedenis bepalen, hemelse machten, volksgoden (luchtvorsten, sarim), waarvan sprake is in Ps. 82: 1,6 en Daniel 10:13,20.
Maar de ‘Elohim der Hebreeën is een Grootheid Apart: Hij is de Schepper, ook de Schepper van deze verborgen, onzichtbare, hemelse machten. Zoals een kunstenaar ver uitreikt boven het schilderij dat hij gemaakt heeft en een componist ver boven de partituur die hij heeft opgeschreven – de schilder en de componist zijn van een andere orde, van een totaal ander soortelijk gewicht dan het schilderij en de partituur, onvergelijkbaar - zo overstijgt de God der Hebreeën al die andere ‘elohim oneindig ver: Hij is de Gans Andere! Hij is niet alleen oneindig ver verheven, maar Hij beheerst hen ook, zij zijn Zijn dienaren, Zijn legerscharen. Hij is de Heer van al die hemelse machten, Hij is de  ‘AdonaJ Tsêva`oth, de Heer der hemelse Heerscharen. Terecht proclameert het Joodse volk in alle synagogen wereldwijd, aan het begin van elk nieuw jaar aan het slot van Jom Kipur, dat hun God niet een ‘elohim is, maar zeven keer achter elkaar dat Hij de Elohim is: JHWH Hú Ha Elohím! 
 In plaats van  ~ y hi ol a/  dat in feite een meervoudsvorm is, wordt de God der Hebreeën ook vaak aangeduid met het enkelvoudige  l ae (‘él : God, Gen. 14:18,19; 17:1).  In deze vorm valt nog duidelijker dan bij  ~ y hi ol a/  de grote overeenkomst op met het woordje  l ae (‘él : naar, tot, gericht op, Gen. 1:9;4:8). In Gen. 6:6 gebruikt God het van Zichzelf in verband met het verdriet dat Hij had over de gewelddadigheid op aarde: het pijnigde Hem tot in Zijn hart: A B li l ae (‘el libó). Wat is dan de samenhang tussen  l ae en l a,? De God van Israël, onze Schepper en Bevrijder is Degene op Wie heel de schepping gericht is en alleen in de relatie tot Hem komt ons mens zijn tot Zijn bestemming.
Tot slot, er is ook een merkwaardig letterverband tussen  ~ y hi ol a/  en  l y a ’ajil. Een ‘ajil is een mannelijk schaap, meestal jonger dan een jaar, een lam bestemd als plaatsvervangend offerlam ter verzoening (Num. 5:8) of als offer van toewijding en heiliging van de kohens, priesters (Lev. 18:8). Het woord komt de eerste keer voor in Gen. 15:9, bij het indrukkwekkende offerritueel waarbij AdonaJ aan Abhraham verscheen in de vorm van de Vurige Fakkel in rook gehuld en waarbij de eerder gedane beloften werden bevestigd: ‘aan Uw nageslacht zal Ik dit Land geven’ (Gen. 15:17,18). Daarna is van een ’ajil weer sprake in Gen. 22:13 waar Abhraham op het beslissende ogenblik een ‘ajil zag die de plaats mocht innemen van zijn zoon Jitschaq. Dat letters van  l y a ‘ajil verborgen zijn in
~ y h l a  ‘elohim symboliseert het verborgen hart van Israëls God: Hij vereenzelvigt Zich met ons, neemt onze schuld op Zich en draagt die weg. De ‘ajil in ‘elohím verwijst ook naar het hart van de Torah, Lev. 16:21, naar het offerritueel op Jom Kipur, dat in het hart staat van de Torah, precies in het midden van het middelste Boek, dat handelt over het herstel en het onderhouden van de relatie met AdonaJ, Altijd en Alom Aanwezig.
 
Laatste wijziging (maandag, 24 augustus 2009)

 
Home Digitale Studiezaal Zeven hoofdwoorden Elohím